Return to Homepage
Interview afgenomen door Philip Arrhidaeus van "Egypte forum Pr Kmt voor geschiedenis en archeologie.

 

Vraaggesprek op vrijdag 29 augustus 2008 met Roger O. De Keersmaecker, auteur van ‘Travellers' Graffiti from Egypt and the Sudan’, waarvan er tot nu toe vijf delen verschenen zijn:

I - The Kiosk of Qertassi
II - The Temples of Semna and Kumma
III - Philae, The Kiosk of Trajan
IV - Elkab, The Rock Tombs
V - Thebes, The Temples of Medinet Habu

Meer informatie op de website van de heer De Keersmaecker:
http://www.egypt-sudan-graffiti.be

U hebt een reeks interessante werken uitgegeven over graffiti in Egypte en Soedan. Het gaat hier om ‘moderne’ graffiti door reizigers als ik het goed begrijp, niet om de Oudegyptische opschriften die ook wel gebeurden door privé-personen. Registreerde u dan alle moderne graffiti of begrensde u deze in tijd?

Roger De Keersmaecker: De geregistreerde graffiti zijn van reizigers uit de negentiende eeuw, of om precies te zijn, van kort voor de expeditie van Napoleon naar Egypte (1798-1801) tot het einde van de negentiende eeuw. De vroegste graffito die ik noteerde, was uit 1789: een zekere Champon in het Ramesseum. De graffiti uit 1899 zijn voor mij de limiet, vanaf het begin van de 20ste eeuw noem ik ze vandalisme.

RDK 1103 Karnak, hypostyle, zuil no 75 (PM)

We kunnen ons op het eerste zicht moeilijk indenken dat moderne graffiti waardevol kan zijn. Toch is dat zo. Wat kunnen deze opschriften ons vertellen?

Roger De Keersmaecker: Tussen al deze reizigers zijn er vaak figuren die iets waardevols hebben nagelaten, zoals reisverhalen of tekeningen. Van Edward James Hawker, die in 1851 zijn graffiti achterliet op de tempels van Semna en Kumma, zijn er onuitgegeven tekeningen bewaard die ik heb kunnen gebruiken; zijn tekeningen vertellen immers zijn tocht. Van hem zijn verder geen biografische gegevens voorhanden. Ook zijn er de vroegste fotografen, zoals de Griek Zangaki die zijn naam kerfde in de tempel van Philae met het jaartal 1888,

RDK 920 Philae

of Beniamino Fachinelli die ook zijn graffiti naliet vanaf Beni Hassan tot Aboe Simbel, alle met het jaartal 1879. Foto’s van Fachinelli uit 1879, 1881 en 1882 werden gepubliceerd in het boek van Arthur Rhoné, L’Égypte a petites jounées, le Caire d’autrefois, Paris 1910.

RDK 101 Beni Asan, Graf no 4

RDK 603 Aboe Simbel

Niet allen maar toch vele Egypte-reizigers hebben dus iets gecreëerd dat te maken had met hun tocht.

Deze opschriften hebben dus duidelijk hun waarde. Laat ons nu niet met zijn allen onze naam in de monumenten gaan kerven, want graffiti op zich is natuurlijk niet goed te praten. Enige morele bijgedachten hierover?

Roger De Keersmaecker: Als antwoord op deze vraag wil ik graag de Egyptoloog Gaston Maspero citeren, die in zijn boek “New Light on Ancient Egypt” schrijft:

It is certain that tourists are gradually spoiling the monuments of Egypt by writing their names on them in big or small letters. Persons of taste are irritated when they come across them, and the directors of the antiquities exhaust themselves in searching for hard words in which to censure such practices in their reports. It is their duty to do this, and I, like the rest, have done my share. And yet, if the archaeologists and historians of to-day would reflect a little, what fine fellows these inscriptions-makers are, and what a amount of ingenious work they are preparing for the students of the future.

Deze vroege reizigers dienden op hun reizen wel wat gevaren te trotseren want Egypte was toen nog niet het voor toeristen gastvrije land dat het nu is. Ook u hebt vermoedelijk uw gedeelte avontuur gehad in Soedan? Kunt u inkomen in de ‘romantiek’ van de reizen van die tijd?

Roger De keersmaecker: De romantiek komt pas nà de reis. De Soedan zonder eigen Land Rover doorkruisen is ook vandaag nog steeds een harde en vaak pijnlijke onderneming: dagenlang schokken over de pistes bovenop zwaarbeladen vrachtwagens , dikwijls kilometers te voet lopen door het zand om tot bij de ruïnes te komen, en slapen in primitieve afspanningen op een bed van koorden. Het geeft wel een klein beetje een idee wat de vroegste reizigers te verduren moeten hebben gehad in Egypte, waar toen ook nog niet het minste comfort was voor toeristen.

Was er graffiti bij die voor u een interessante verassing betekende?

Roger De Keersmaecker: Dankzij de graffiti heb ik kennis kunnen maken met de nazaten van twee reizigers: eerst met Robin Linzee Gordon, een afstammeling van John Gordon die in 1804 in Egypte was,

RDK 42 Karnak, hypostyle zuil no 2 (PM)

en later met een nazaat van Charles Leonard Irby uit 1817.

RDK 436 Elkab, graf van Paheri

Wat zijn de gekste of meest onverwachte plaatsen waar u graffiti gevonden hebt?

Roger De Keersmaecker: Dat was de graffito van een zekere Joly, kapitein in het leger van Napoleon; die noteerde ik niet in een tempel maar op de nilometer van het eiland Roda.

Ik vermoed dat sommige van die opschriften heel wat hoger aangebracht werden omdat mensen nu eenmaal graag bovenop iets klimmen of omdat de monumenten vroeger gedeeltelijk onder het zand zaten. Hoe kon u deze fotograferen? Diende u hiervoor soms te rekenen op plaatselijke medewerking?

Roger De Keersmaecker: Tijdens mijn werk in de kleine tempel van Medinet Habou mocht ik een ladder gebruiken van de Amerikaanse archeologen van het Chicago House in Luxor. Voorts waren stevige zoomlenzen natuurlijk onmisbaar voor de hoogstaande inscripties.

Als ik het goed begrijp nam u uw foto’s voor het digitale tijdperk … welk toestellen, lenzen en films gebruikte u? Altijd een bang moment in de donkere kamer?

Roger De Keersmaecker: Mijn eerste fototoestellen waren Yashica en Pentax, later is daar Leica bijgekomen, allemaal reflexcamera’s uitgerust met extra lenzen en telelenzen; als films gebruikte ik meestal Kodax dia. Bang moment? Er is natuurlijk altijd de spanning of het resultaat wel zal meevallen, maar gelukkig heb ik nooit ongelukken gehad bij het ontwikkelen.

Hoe kwam u erbij om deze graffiti te registreren … was er een bepaalde aanleiding hiervoor?

Roger De Keersmaecker: In Aboe Simbel ben ik eerder toevallig begonnen met het fotograferen van de meest bekende reizigers, zoals Giovanni Finati, Charles Leonard Irby, James Mangles die samen met Giovanni Belzoni als eersten die tempel binnendrongen in 1817. Dat ingegrifte jaartal heeft daar dus een heel bijzondere betekenis.

RDK 742 Aboe Simbel, heiligdom

Maar daarmee kon ik maar weinig doen. Daarom koos ik eerst een kleine tempel – de kiosk van Qertassi – om daarvan alle namen te noteren; pas daarna heb ik me aan grotere tempels gewaagd, of delen daarvan. Alle graffiti registreerde ik op steekkaarten, dan was het zoeken naar een manier om de vondsten kenbaar te maken. Dankzij de computer en printer kan ik dat sinds vele jaren zelf doen en daarbij kan ik nog steeds mijn oude fiches gebruiken.

Zijn er nog delen van uw reeks ‘Travellers’ Graffiti from Egypt and the Sudan’ in voorbereiding?

Roger De Keersmaecker: Jawel, deel 6 en deel 7 zijn op komst. De titels zijn:
Volume VI :The Mortuary Temple of Sethos I (Qurna) & The Temple of Hathor (Deir el-Medina)
en
Volume VII: The temple of Amenhopis III (Elkab).

RDK 1070 Deir el-Medina tempel (Volume VI)

Hartelijke dank voor dit boeiende vraaggesprek over een niet alledaags onderwerp